Geplaatst op

DCM

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-9978efd281a875b8c6cf6b2cc830b6fc' }}

Dierenartsenpraktijk

AVALON

Dilatorische cardiomyopathie (DCM)

bij de hond

Dilatorische cardiomyopatie is een hartspieraandoening waarvan we de meeste gevallen zien bij reuzenrassen.

De ziekte kan zich al op vrij jonge leeftijd ontwikkelen,

namelijk vanaf 4 jaar.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-9502889f2525528dff600eef8da9f3e8' }}

Wat is DCM (Dilatorische CardioMyopathie)

DCM of dilatorische cardiomyopathie is een vaak voorkomende aandoening van de hartspier bij grote honden, waarbij de hartspier geleidelijk aan steeds dunner en dunner wordt.

Door dit spierverlies gaat de pompfunctie van het hart systematisch achteruit en krijgt het hart het bloed niet goed rondgepompt.

Hierdoor gaan de kamers van het hart vergroten treden zuurstoftekort, hartfalen en/of hartritmestoornissen op.  

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-57e1a24a2740d3d56782f83d6cafd372' }}

Oorzaken van DCM

Genetische of aangeboren factoren

De exacte oorzaak is nog niet volledig uitgeklaard. De hartziekte komt vaker voor bij bepaalde rassen (Dobermann, Deense Dog, Newfoundlander, Ierse Wolfshond, …) waardoor een genetische/aangeboren factor vermoed wordt. 

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-8121ed687874e873b55ee8ba39861640' }}
{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-ec061169dc1b7f48e0f8276c9285e91f' }}

Voeding

Het is ook al bewezen dat bepaalde voedseltekorten of specifieke diëten tot DCM kunnen leiden. Hierbij zijn vooral tekorten van taurine en carnitine van belang, maar ook lam&rijst- of granenvrije diëten zijn beschreven.

Boxers en Cocker Spaniels blijken vooral gevoelig te zijn aan voedselgerelateerde DCM.

Andere aandoeningen

Ook hartritmestoornissen kunnen DCM veroorzaken: bij honden die constant een supersnelle hartslag hebben (tachycardie), kan de hartspier dermate vermoeid geraken, dat er een gelijkaardig beeld kan ontstaan.

Als laatste, maar minder vaak voorkomende onderliggende oorzaak, kan een slecht werkende schildklier worden vermeld (hypothyroïdie). 

Tekenen van DCM

Op het lichamelijk onderzoek horen we soms een bijgeruis of een hartritmestoornis, maar dat is zeker niet altijd het geval. Soms is een minder sterk geslagen pols voelbaar.

Eén van de meest typische symptomen is inspanningsintolerantie. Kan je hond minder goed mee op wandeling, wil hij niet meer spelen of gaat hij vaker liggen? Doordat de pompfunctie slechter wordt, gaat er minder bloed naar de hoofdslagader die het lichaam voorziet van zuurstofrijk bloed. De hond heeft minder reserves en zal bij inspanning sneller moe zijn.

Wanneer de ziekte verder vordert, ontwikkelen zich ademhalingsklachten. In eerste instantie zal de ademhaling sneller zijn dan normaal. In een latere fase wordt de ademhaling ook moeilijker, waarbij de buikspieren worden aangesproken om de ademhaling te verbeteren en een hele diepe en drukkende ademhaling ontstaat.

Honden met DCM kunnen door zuurstoftekort ook flauwvallen. Dit is een kort en plots bewustzijnsverlies, meestal tijdens lopen, spelen of opwinding. De episode duurt meestal slechts enkele seconden, waarna de hond zich meteen terug normaal gedraagt. Een blauwe tong kan tijdens dergelijke episode (of los daarvan) opvallen. Het is een ernstig symptoom dat wijst op zuurstoftekort en vraagt nazicht.

Diagnose van DCM

Echocardiografie

Met echocardiografie meten we de dikte van de hartspier en de pompfunctie van het hart en vergelijken deze met de normaalwaarden op basis van het gewicht van de hond.

Bij DCM is de hartspier dunner en het hart groter.

Bloed Onderzoek

Op zoek naar een onderliggende oorzaak voor DCM, voeren we een bloedonderzoek uit. We gaan zo op zoek naar voedseltekorten of schildklierproblemen.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-5ac40432be8e5482c8692c3577fc8468' }}
{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-98b6db12b7a0c40cc4497ca580e47fd0' }}

ECG

Bij vermoeden van ernstige hartritmestoornissen, kan een ElectroCardioGram uitgevoerd worden om de ernst in te schatten en de behandeling aan te passen.

Behandeling van DCM

Verbeteren van de pompfunctie

In eerste instantie starten we medicatie op om de pompfunctie van het hart te verbeteren. Zelfs als er geen symptomen werden opgemerkt, kunnen we al beginnen met medicatie.

Studies hebben aangetoond dat wanneer we op het juiste moment starten, het ontstaan van de problemen tot 9 maanden kan worden uitgesteld. Dit wil zeggen dat jaarlijkse screening van risicorassen vanaf een leeftijd van 3-4 jaar dus zeker loont!

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-7046429201512b886f24dd3c10173281' }}
{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-8b815cd479ab905e77f398d60d58ef9d' }}

Ritmestoornissen behandelen

Honden met DCM lopen risico om plots te overlijden. Dit zijn meestal de honden waarbij naast problemen met de pompfunctie van het hart, ook ernstige hartritmestoornissen optreden. Afhankelijk van de soort ritmestoornis, worden verschillende anti-aritmica ingezet om het risico op flauwvallen (tgv milde ritmestoornissen) en plots overlijden (tgv ernstige ritmestoornissen) zoveel mogelijk te beperken.

Vochtafdrijvers

Daarnaast kan de hond hartfalen ontwikkelen. Dit betekent dat er vocht opstapelt in of rond de longen en/of in de buik, met ademhalingsklachten, vermindering van comfort en vermageren tot gevolg. Hiervoor worden vochtafdrijvers opgestart. Daarnaast wordt vocht dat aanwezig is rondom de longen of vrij in de buik zit best aangeprikt en verwijderd om opnieuw een betere levenskwaliteit te bieden.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-05f68a2c72ced5ab6123c1a52d8e1afb' }}

Opvolging en prognose van DCM

Opvolging

Eens hartmedicatie moet worden opgestart, blijft dit levenslang nodig. Met de evolutie van de ziekte kan het zelfs nodig zijn dat dosissen verhoogd worden of extra medicatie opgestart wordt.

Ook hier zijn dus regelmatige controles van belang, maar er bestaat ook een eenvoudige opvolgingstool voor thuis! Het tellen van de ademhaling in rust, geeft een goed idee over het ontstaan van vocht op de longen, is makkelijk uit te voeren en is heel gevoelig aan verandering. Eén beweging van de borstkas naar boven en naar beneden telt als één ademhaling. De frequentie per minuut wordt best geteld als de hond erg rustig is of slaapt. Een normale ademhalingsfrequentie in rust thuis ligt onder de 30 keer per minuut. Tussen de 30 en de 40 ademhalingen per minuut is een beetje een grijze zone, boven de 40 keer per minuut is te snel. Hierbij is vooral de individuele evolutie en tendens van belang. De ademhalingsfrequentie wordt dus best ergens op een blaadje genoteerd en bijgehouden. Er bestaat ook een app (HartMonitor Hond) die het tellen en het bijhouden van de ademhalingsfrequentie gemakkelijker maakt.

Prognose

De opvolging van een hond met DCM is heel belangrijk en zal bestaan uit regelmatige controles met herhalen van de echocardiografie, overlopen van de klinische klachten (en de ademhalingsfrequentie in rust thuis geteld) en bloedonderzoeken naarmate de ziekte vordert.

DCM ten gevolge van voedseltekorten of hartritmestoornissen kan omkeerbaar zijn indien de onderliggende aandoening succesvol kan worden behandeld. DCM waar geen onderliggende oorzaak bij kan worden aangeduid, is ongeneeslijk.

Eens de diagnose gesteld wordt en er sprake is van hartfalen, bedraagt de gemiddelde overlevingstijd – met medicatie – 3 tot 6 maanden.

Copyright: Dierenartsenpraktijk AVALON BVBA – BTW: BE0823.538.413

Liersesteenweg 146, 2220 Heist-op-den-Berg – Tel. (015) 25 39 89

Geplaatst op

Mitralisklep

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-9978efd281a875b8c6cf6b2cc830b6fc' }}

Dierenartsenpraktijk

AVALON

Lekkende hartklep (MVD)

bij de hond

Mitralisklependocardiose of lekkende hartklep

komt vooral voor bij honden van kleine rassen

op middelbare tot oude leeftijd.

Gemiddeld 15% van de kleine honden op leeftijd worden getroffen door deze aandoening.

We zien het iets vaker bij mannetjes dan bij vrouwtjes.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-2facf69950d07c641dc7ca5f536e6b41' }}

Wat is MVD (Mitral Valve Disease)?

MVD of “mitral valve disease” is de meest voorkomende hartaandoening bij de hond. MVD tast de hartklep tussen de linkerboezem (atrium) en de linkerkamer (ventrikel) aan. Deze klep zorgt ervoor dat er een perfecte afsluiting van de verschillende kamers van het hart gegarandeerd wordt. Daardoor volgt het bloed steeds de juiste richting en wordt het integraal naar de hoofdslagader gebracht om het hele lichaam van zuurstofrijk bloed te voorzien.

Bij mitralisklependocardiose gaat de normaal flinterdunne klep verdikken en knobbelig worden. Hierdoor kan de afsluiting niet meer gegarandeerd worden. Een deel van het bloed gaat daarbij doorheen de klep terug naar de linkerboezem – in de verkeerde richting (lekkage).

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-cd9c106c8a70cf32d2a2b1737b10ec67' }}

Oorzaak van MVD

Mitralisklependocardiose kan omschreven worden als slijtage van de hartklep. Het is een verouderingsproces waarbij het bindweefsel geleidelijk aan knobbelig en minder elastisch wordt, met uiteindelijk functieverlies tot gevolg. 

Dit kan bij alle rassen voorkomen, maar wordt veruit het vaakst gezien bij de Cavalier King Charles Spaniel (tot 40%). Er is bij dit ras dus wel degelijk een genetische aanleg aanwezig die leidt tot een versnelde veroudering van de hartklep. Daarom wordt aangeraden fokteven preventief te testen om zo weinig mogelijke erfelijke belasting mee te geven aan de nakomelingen.

Andere vaak getroffen rassen zijn de Teckel en de Cocker Spaniel. 

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-265cd8e6e7fd54a753c3fe2af686118f' }}

Tekenen van MVD

Eén van de meest typische symptomen is inspanningsintolerantie. Doordat een significant deel van de bloedstroom terug naar de linkerboezem stroomt in plaats van naar de hoofdslagader, krijgt het lichaam minder zuurstofrijk bloed. De hond heeft minder reserves en zal bij inspanning sneller moe zijn.

Wanneer de ziekte verder vordert, ontwikkelen zich ademhalingsklachten. In eerste instantie zal de ademhaling sneller zijn dan normaal. In een latere fase wordt de ademhaling ook moeilijker, waarbij de buikspieren worden aangesproken om de ademhaling te verbeteren en een hele diepe en drukkende ademhaling ontstaat.

Bij honden met MVD wordt regelmatig hoesten opgemerkt. Een luide, droge hoest kan veroorzaakt worden door het vergroten van de linkerboezem door de terugstroom van het bloed door de defecte klep. Deze vergroting van het hart kan duwen op de hoofdbronchen binnen de longen, waardoor een soort van prikkelhoest ontstaat. Een voorzichtige, vochtige hoest waarbij soms zelfs slijm of water wordt opgehoest, kan worden gezien wanneer er zich veel vocht op de longen ophoopt.

Honden met MVD kunnen door zuurstoftekort ook flauwvallen. Dit is een kort en plots bewustzijnsverlies, meestal tijdens lopen, spelen of excitatie. De episode duurt meestal slechts enkele seconden, waarna de hond zich bijna meteen terug normaal gedraagt. Een blauwe tong kan tijdens dergelijke episode (of los daarvan) opvallen. Het is een ernstig symptoom dat wijst op zuurstoftekort en vraagt nazicht.

Diagnose van MVD

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-445fd22f4ddc15ff4c91f369504da423' }}

Algemeen Onderzoek

Op algemeen lichamelijk onderzoek is steeds een bijgeruis te horen.

Dit ruisje wordt veroorzaakt door een bloedstroom in de verkeerde richting en wordt luider naarmate de lekkage groter en ernstiger wordt. Het bijgeruis krijgt een score van 1 tot 6 zodat er bij controles kan worden vergeleken. Een hartruis met een score van 1 of 2 zal zelden tot problemen leiden, bij hogere scores of snelle progressie wordt extra onderzoek geadviseerd.

EchoCardioGrafie

Bij een echocardiografie wordt de hartklep in beeld gebracht om de verdikking en vervorming vast te stellen. Daarnaast wordt ook de bloedstroom tussen de linkerboezem en de linkerkamer in beeld gebracht. Hierbij wordt de grootte en de ernst van de lekkage duidelijk.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-0aa276c1823edf5ee6057c2f5d08c7be' }}

Radiografie

In sommige gevallen kan er gekozen worden om een radiografie van de borstkas te nemen. Hierbij kan een waarschijnlijkheidsdiagnose van MVD worden gesteld op basis van de grootte van het hart.

Voor het vaststellen van hartfalen of het opwerken van een hoest, heeft radiografie de voorkeur boven echocardiografie, omdat ook de longen in beeld gebracht worden. In sommige gevallen zijn Radiografie en echografie beide nodig.

Behandeling van MVD

De perfecte oplossing zou het vervangen van de hartkleppen zijn, maar daar hangt een serieus prijskaartje aan vast. De resultaten zijn veelbelovend, maar vooralsnog is dit niet mogelijk in België.

Bij een medicamenteuze behandeling van hartfalen, is het doel uw hond een zo normaal mogelijk leven te laten leiden. Gezien de ziekte niet te genezen is, is medicatie voor de rest van zijn dagen nodig. Meestal werken we met een combinatie van medicijnen op maat van ùw hond en wordt deze bijgestuurd wanneer nodig (zie opvolging).

Verbeteren van de pompfunctie

Het opstellen van de behandeling wordt ideaal afgestemd op basis van de echocardiobeelden.

Indien de hond nog geen klachten heeft, maar we wél al een vergroting van de linkerboezem zien, wordt medicatie opgestart om de pompfunctie van het hart te verbeteren.

Studies hebben aangetoond dat wanneer dit op de juiste moment wordt opgestart, het ontstaan van de symptomen tot 18 maanden kan worden uitgesteld. De moeite dus om regelmatig een echocardio te laten uitvoeren bij honden met duidelijk bijgeruis, maar zonder klachten!

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-7046429201512b886f24dd3c10173281' }}
{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-05f68a2c72ced5ab6123c1a52d8e1afb' }}

Vochtafdrijvers

Wanneer er effectief sprake is van hartfalen en dus vochtopstapeling in de longen, worden vochtafdrijvers een belangrijk onderdeel van de behandeling.

Hierdoor kan uw hond wel meer gaan drinken en meer gaan plassen. Ook de nieren worden wat onder druk gezet, waardoor regelmatige controles van de nierwaarden en de elektrolieten (zouten) in het bloed aan de orde zijn.

Hoestremmers

De behandeling van een hoestje is vaak een uitdaging, gezien er verschillende mogelijke oorzaken van die hoest zijn.

Bij de droge hoest – en in de afwezigheid van vocht op de longen – kunnen hoestremmers en bronchodilatoren ingezet worden om de druk op de hoofdbronchen te doen afnemen. Dit is niet altijd efficiënt, soms valt deze hoest niet te verhelpen.

Bij de vochtige hoest dienen vochtafdrijvers opgestart te worden of moet de dosis worden aangepast. 

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-42cf55ed045ea88719e8f5425c75cc9d' }}

Opvolging en prognose van MVD

Opvolging

Eens hartmedicatie moet worden opgestart, blijft dit levenslang nodig. Met de evolutie van de ziekte kan het zelfs nodig zijn dat dosissen verhoogd worden of extra medicatie opgestart wordt.

Ook hier zijn dus regelmatige controles van belang, maar er bestaat ook een eenvoudige opvolgingstool voor thuis! Het tellen van de ademhaling in rust, geeft een goed idee over het ontstaan van vocht op de longen, is makkelijk uit te voeren en is heel gevoelig aan verandering. Eén beweging van de borstkas naar boven en naar beneden telt als één ademhaling. De frequentie per minuut wordt best geteld als de hond erg rustig is of slaapt. Een normale ademhalingsfrequentie in rust thuis ligt onder de 30 keer per minuut. Tussen de 30 en de 40 ademhalingen per minuut is een beetje een grijze zone, boven de 40 keer per minuut is te snel. Hierbij is vooral de individuele evolutie en tendens van belang. De ademhalingsfrequentie wordt dus best ergens op een blaadje genoteerd en bijgehouden. Er bestaat ook een app (HartMonitor Hond) die het tellen en het bijhouden van de ademhalingsfrequentie gemakkelijker maakt.

Prognose

Sommige honden zullen nooit last krijgen van de misvormde hartklep, bij anderen kan het snel achteruit gaan. Dit wijst nog eens op het belang van regelmatige controle: alleen al door te luisteren naar het hart, kunnen we een ruwe inschatting maken over de progressie en de noden van uw hond op dat moment (verder onderzoek, medicatie, …).

Eens er symptomen van hartfalen worden vastgesteld (vocht op de longen), bedraagt de gemiddelde overlevingstijd – met medicatie – één jaar.

Copyright: Dierenartsenpraktijk AVALON BVBA – BTW: BE0823.538.413

Liersesteenweg 146, 2220 Heist-op-den-Berg – Tel. (015) 25 39 89

Geplaatst op

Hypothyroidie

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-9978efd281a875b8c6cf6b2cc830b6fc' }}

Dierenartsenpraktijk

AVALON

Hypothyroïdie bij de hond

Hypothyroïdie is een aandoening waarbij de schildklier te weinig hormonen produceert. Het is één van de meest voorkomende aandoeningen van het hormoonstelsel bij de hond en kan zich op verschillende manieren uiten.

Aangezien het voornamelijk voorkomt bij honden van middelbare leeftijd, worden de tekenen vaak aanzien als normale verouderingskwaaltjes.

Controleren op deze aandoening bij honden op leeftijd, is altijd nuttig omdat er een goede behandeling mogelijk is!

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-ecb052c9cba4e4c7fc4613d012149b39' }}

Tekenen van Hypothyroïdie

We zien problemen vooral bij honden van middelbare leeftijd (tussen de 3 en 9 jaar oud) en dan vooral bij de middelgrote tot grote rassen.

Sommige rassen zijn vaker aangetast dan andere; in de risicogroep bevinden zich:

  • Labrador
  • Golden Retriever
  • Rhodesian Ridgeback
  • Husky
  • Dobberman
  • Dalmatiër
  • Border Collie
  • Ierse Setter
  • Sheltie
  • Cocker Spaniel
  • Beagle
  • Teckel

De tekenen van een te traag werkende schildklier ontwikkelen zich geleidelijk aan en zijn dus vaak niet erg opvallend. Vaak lijkt het gewoon dat uw hond een dag je ouder wordt. Echter wanneer u alert bent op volgende symptomen kunnen we snel overgaan tot verder onderzoek en de ziekte tijdig diagnosticeren en behandelen

Vaak voorkomende tenen zijn:

  • Minder actief zijn
  • Huidproblemen: droge huid, kale plekken, uitdunnen van de vacht
  • Gewichtstoename zonder vraatzucht
  • Een trieste blik
  • Opzoeken van warme plaatsen

Wanneer langdurig niet behandeld, kunnen er ook zenuwproblemen optreden: wankele gang, scheve kopstand en zelfs verlamming.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-29cda0b2509aa2733524d2b02dbc8c67' }}

Diagnose van Hypothyroïdie

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-9c35ad096198d2c810eddd3f6b7918c7' }}

Algemeen onderzoek

Tijdens een algemene controle letten we vooral op bovenstaande symptomen en op tekenen die kunnen wijzen op een andere aandoening.

Daarnaast zien we vaak een trage hartslag en vinden we geen andere oorzaak voor de huidproblemen.

Bloedonderzoek

We bepalen de hoeveelheid schildklierhormoon (T4) in het bloed van uw hond. Deze test kan in ons eigen labo gebeuren en geeft resultaat na 20 min.

Indien de hormonen te laat zijn, wordt het staal ook doorgestuurd naar een extern labo om het schildklierstimulerend hormoon (TSH) te bepalen: een te hoge waarde daarvan bevestigd de diagnose.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-5ac40432be8e5482c8692c3577fc8468' }}

Behandeling van Hypothyroïdie

De behandeling van een te traag werkende schildklier bestaat uit het supplementeren van schildklierhormonen.

Bij voorkeur wordt ’s morgens én ’s avonds een tablet toegediend. Voor kleinere honden is er ook medicatie in siroopvorm beschikbaar.

Uiteraard dient de respons op de medicatie opgevolgd te worden. Dit doen we door een bloedname 6 weken na de start van de medicatie; indien de dosis aangepast moet worden, testen we 6 weken later opnieuw. Nadien is een intensieve controle niet meer nodig, het volstaat om 1 tot 2 keer per jaar de dosering te controleren.

Na het starten van een behandeling treedt zeer snel herstel op:

  • Activiteit: meestal binnen 2 weken verbetering
  • Huid: 1 – 4 maanden (haaruitval zal aanvankelijk toenemen)
  • Gewicht: Neemt geleidelijk af met 10% binnen 3 maanden
  • Herstel: meestal binnen 3 maanden
{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-970ba4c33334701e39e9183f3dc80eac' }}

Copyright: Dierenartsenpraktijk AVALON BVBA – BTW: BE0823.538.413

Liersesteenweg 146, 2220 Heist-op-den-Berg – Tel. (015) 25 39 89

Geplaatst op

Vaccinatie op maat van uw hond

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-9978efd281a875b8c6cf6b2cc830b6fc' }}

Dierenartsenpraktijk

AVALON

Vaccinatie

op maat van uw hond

De afgelopen jaren zijn er grote veranderingen geweest

in de aanbevelingen rond de vaccinatie van onze huisdieren.

Recent publiceerde de WSAVA (World Small Animal Veterinary Association) nieuwe richtlijnen voor de vaccinatie van honden.

Doel is om een vaccinatie op maat van úw hond uit te voeren, en de hoeveelheid vaccins te beperken tot hetgeen écht noodzakelijk is.

In dit artikel lichten we kort de nieuwe richtlijnen toe.

Daarnaast geven we een woordje uitleg over “Vacci-Check”,

een test die het mogelijk maakt om de beschermingsgraad van uw hond tegen een aantal besmettelijke ziektes na te gaan.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-1433f556e7e9fd811569ed5b52e4d113' }}

Vaccinatie richtlijnen WSAVA

We kunnen de ziektes waartegen we uw hond willen beschermen opdelen in drie grote groepen, namelijk:

CORE ziektes

Dit zijn wereldwijd verspreide ziektes waartegen elke hond ter wereld beschermd moet worden. 

Tot deze groep behoren hondenziekte (Distemper), kattenziekte (Parvovirose) en besmettelijke hepatitis (Adenovirose). De vaccinaties zorgen voor een langdurige bescherming tot wel 3 jaar!

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-8735ad4638b6bd145b3aab422c46c64f' }}

Omdat een goede start bepalend is voor een langdurige bescherming tegen deze aandoeningen, werd het vaccinatie-schema voor pups aangepast. Vaccinaties dienen te gebeuren op 6, 9, 12 en 16 weken oud. Wanneer uw pup 26 weken is, dienen we nogmaals dit vaccin toe en vanaf dit moment slechts om de 3 jaar.

Indien u gebruik wenst te maken van de Vacci-Check is het schema lichtjes anders, maar hierover verderop meer.

NON CORE ziektes

Deze ziektes komen niet overal ter wereld voor en vaccinatie-advies verschilt naargelang de regio en naargelang het risico op contact met de ziektekiem.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-3ae7dbb1620eb17ac47f8fff5d7e724c' }}

Rattenziekte (leptospirose) komt in België (dankzij ons natte klimaat) regelmatig voor. Deze ziekte is een levensbedreigende zoönose (dwz overdraag-baar naar de mens), dus vaccinatie van uw hond is onmisbaar. De eerste enting is verdeeld over 2 injecties met 3-4 weken tussentijd. Bij pups kan dit vanaf 9 weken, jaarlijkse herhaling is nodig.

Kennelhoest (combinatie Para-influenza en Bordetella) is eveneens non-core, vaccinatie is afhankelijk van de risico’s op contact met de ziekte. Gaat uw hond op pension, naar de hondenschool of naar wedstrijden? Speelt uw hond met anderen honden op de hondenweide? Een éénmalige neusvaccinatie beschermt een jaar lang, pups kunnen vanaf de leeftijd van 9 weken ingeënt worden.

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-79a8b5ebceb6519543800746e045a2b8' }}

Rabies

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-3b456dad7144a861fef975d96b3fb584' }}

De vaccinatie tegen hondsdolheid (Rabies) is wettelijk geregeld. Vaccinatie is verplicht voor honden die meereizen naar het buitenland.

De eerste vaccinatie kan toegediend worden vanaf 12 weken oud, bescherming start pas 3 weken later. Met pups van minder dan 15 weken de grens overgaan is dus niet legaal. De WSAVA raadt aan te herhalen één jaar na de eerste enting; nadien is om de 3 jaar voldoende

Vacci-Check

De Vacci-Check is een test waarmee we bepalen of uw hond voldoende beschermd is tegen de CORE-ziektes. We nemen een klein bloedstaal en kunnen via deze test nagaan of uw hond voldoende antistoffen opbouwde tegen hondenziekte, kattenziekte en besmettelijke hepatitis.

Wanneer uw hond voldoende bescherming heeft, is een vaccinatie op dit moment nog niet nodig. Onder het motto “Meten is Weten” kunnen we het interval van vaccinaties aanpassen aan úw hond.

Let wel: voor de NON CORE-ziektes is dergelijke test niet beschikbaar en blijft jaarlijks opnieuw vaccineren absoluut noodzakelijk!

{{ brizy_dc_image_alt uid='wp-bc686ffdace2ec2e3ea4fdc066761bb7' }}

PUPS

Om na te gaan of uw pup voldoende antistoffen heeft opgebouwd, kan de Vacci-Check gebeuren vanaf de leeftijd van 20 weken, dit is 4 weken na de inenting op 16 weken. Indien de test positief is voor alledrie de ziektes, is de hervaccinatie op 26 weken niet nodig. Een nieuwe test moet pas na 3 jaar gebeuren, om het op peil blijven van de bescherming aan te tonen. Uiteraard kan u ook besluiten om 3-jaarlijkse herhalings-vaccinaties in te plannen vanaf dit punt.

VOLWASSEN honden

Eens volwassen, kan u opteren om uw hond elke 3 jaar te laten testen met de Vacci-Check om zijn bescherming na te gaan. Gezien de kost van de Vacci-Check hoger ligt dan de kost van de vaccinatie, raden wij eerder 3-jaarlijks vaccineren aan, vooral indien de bescherming van uw pup reeds aangetoond werd.

Vacci-Check is wel aan te raden indien uw hond een bijwerking (extreme jeuk, braken,…) heeft vertoond na eerdere vaccinatie. Immers bij voldoende bescherming, kan een hervaccinatie uitgesteld worden.

Heeft u vragen over deze richtlijnen, of wenst u info over de Vacci-Check? Contacteer ons gerust, wij geven met plezier de nodige verduidelijking! 

Indien u niet zeker bent over de vaccinatie-status van uw hond, maak even een afspraak voor een gezondheidscontrole en vergeet uw boekje niet. Wij kijken meteen de vaccinaties na en maken deze in orde waar nodig

Copyright: Dierenartsenpraktijk AVALON BVBA – BTW: BE0823.538.413

Liersesteenweg 146, 2220 Heist-op-den-Berg – Tel. (015) 25 39 89